"Tevreden achter de geraniums past niet in onze maatschappij"
"Tevreden achter de geraniums past niet in onze maatschappij"
In 1988 is Der Sjtiel opgericht, een organisatie die zich richt op arbeidsrehabilitatie van mensen met verslavingsproblematiek of een psychiatrische stoornis. In die tijd heerste het paradigma dat mensen met deze problematiek na de behandeling de rest van hun leven tevreden achter de geraniums konden gaan zitten. Ondenkbaar natuurlijk in de huidige tijd, waarin meedoen en werken naar vermogen zorgt voor zingeving en geluk. Bij Der Sjtiel begrepen ze dit in 1988 al goed en boden ze deze moeilijke doelgroep de middelen om dit zogenoemde glazen plafond te breken. Nu, tweeëntwintig jaar later, is er veel veranderd. Niet in de aanpak of in de doelgroep, maar wel in het methodisch werken aan de ontwikkeling van de set van attitudes (werknemerscompetenties) en beroepscompetenties die nodig zijn om aan het werk te gaan en te blijven (beschut of regulier). In een pilot willen zij onderzoeken of het werken met de methode Dariuz meerwaarde biedt in hun plan van aanpak en methodes en instrumenten.

Verslaafden en mensen met een psychiatrische stoornis lijken twee doelgroepen die niet eenvoudig samen zijn te voegen. Toch werken op de verschillende werkplaatsen in Landgraaf beide groepen gebroederlijk naast en met elkaar. Voor de mensen met een verslaving, is het werken op deze werkplaats echter niet het eerste station. Zij werken eerst vanuit de daklozenopvang een paar uur in de groenvoorziening of bij het ophalen van zwerfvuil. Op deze manier krijgen zij een kans geboden een paar uur niet bezig te zijn met hun verslaving en het circuit waarin zij zich begeven. Na dit ‘Loon naar Werken' traject kunnen zij doorstromen naar de werkplaats ‘Via Via'. Diegenen die doorstromen, hebben inmiddels al wat meer zaken op orde in hun leven, zoals een uitkering en een vaste woon- en verblijfplaats. Bij Via Via leren zij te wennen aan arbeidsvaardigheden en de attitudes die hier bijhoren. Met vallen en opstaan en in de tijd die zij hiervoor nodig hebben. Door dit uitgebreide voorschakeltraject, gaat het bij de volgende stap - de Sjtielse werkplaatsen - heel goed.
Wat de werkwijze bij Der Sjtiel anders maakt dan bij een ‘regulier' SW-bedrijf is onder andere het gebruik maken van diverse financieringsbronnen. Individuele ontwikkeldoelstellingen kunnen zo gekoppeld worden aan de financieringsbron die hierop het best aansluit. Op die manier is het mogelijk gebruik te maken van een opeenvolging van financieringsbronnen (te vergelijken met een ontwikkelladder). Maar dit ook als vangnet, want als het lange tijd duurt om te ontwikkelen, dan is dat ook mogelijk. Een ander verschil is de groepsgrootte. Bij Der Sjtiel werkt één werkbegeleider met een groep van vijf tot maximaal vijftien mensen, terwijl de caseload bij een SW-bedrijf vele malen groter is. En bij Der Sjtiel is niet de productie de belangrijkste bron van inkomsten; de productie wordt als middel gebruikt voor het ontwikkelen van de juiste arbeidsattitudes en beroepscompetenties. De verhouding tussen de inkomsten uit productie versus ontwikkeltrajecten bedraagt bij benadering 20 tot 80 procent.
De laatste jaren is bij Der Sjtiel veel ontwikkeld op het gebied van opleidingen en EVC-procedures. Medewerkers kunnen vervolgens in een leer/werkconstructie in het reguliere bedrijfsleven worden geplaatst. Daarmee is zowel het behalen van startkwalificaties als ook de doorstroom naar (gesubsidieerd) werk aanzienlijk toegenomen. Momenteel werken ze zoals gezegd bij Der Sjtiel en ViaVia met zelf ontwikkelde methodes. Deze methodes blijven, maar daarnaast komen de drie modules van Dariuz. Om zo een vergelijking te maken tussen de methodes en de hierbij te gebruiken instrumenten, met de bedoeling van elkaar te leren. De pilot start in het najaar van 2010.




