Home > Nieuws > Opzet doelgroepregister belemmert realiseren banenafspraak

Opzet doelgroepregister belemmert realiseren banenafspraak

Donderdag 07 Mei 2015

De manier waarop de toegang tot het doelgroepregister nu is georganiseerd, belemmert werkgevers en gemeenten om de 125.000 banen voor arbeidsbeperkten waar te maken. Tot die conclusie komt Divosa, de vereniging van leidinggevenden bij sociale diensten, na gesprekken met leden en werkgevers. Divosa-voorzitter René Paas pleit er daarom voor om mensen die na een proefplaatsing bij een werkgever aan de slag kunnen en bij wie objectief is vastgesteld dat zij op die werkplek een loonwaarde onder het minimumloon hebben, automatisch toe te laten tot het doelgroepregister.

Paas stelt vast dat er verwarring bestaat over de omschrijving ‘mensen die het wettelijk minimumloon (WML) niet kunnen verdienen’. UWV, die de toelatingstoets voor het doelgroepregister uitvoert, hanteert een theoretische benadering gebaseerd op drempelfuncties. Gemeenten en werkgevers gaan echter uit van de loonwaarde op de werkvloer.

Dekbeddenafbiester

“Voor een werkgever is het niet relevant of iemand theoretisch bezien als dekbeddenafbiester het WML kan verdienen. Een werkgever kijkt of iemand past op die ene specifieke werkplek”, aldus Paas. “Willen we het voor werkgevers mogelijk maken om de beloofde 100.000 banen waar te maken, dan zullen we moeten uitgaan van hun kijk op de wereld.”

Praktijk

Plaatsingen van mensen met een arbeidsbeperking komen in de praktijk vrijwel uitsluitend tot stand na een proefperiode. Met de huidige manier van beoordelen is het risico echter groot dat, als werkgever en de kandidaat samen verder willen, de kandidaat toch niet terecht kan in het doelgroepregister en dus niet meetelt voor het quotum. Divosa pleit er daarom voor om mensen, van wie na een gevalideerde loonwaardemeting vaststaat dat zij op hun werkplek het WML niet kunnen verdienen, op te nemen in het doelgroepregister.

Loonwaardemeting

“Werkgevers willen best mensen met een arbeidsbeperking aan het werk helpen”, weet Paas. “Ook snappen ze dat het nodig is om op enig moment te bepalen of iemand wel of niet het WML kan verdienen.” Daar komt volgens Paas bij dat de mensen die wél worden toegelaten tot het doelgroepregister in de praktijk vaak een zeer beperkte loonwaarde hebben. “Dat maakt het voor een werkgever vrijwel ondoenlijk een passende werkplek te organiseren.”

Draagvlak

Divosa is bang dat het draagvlak onder de banenafspraak snel afkalft. Als werkgevers geen brood zien in mensen uit het doelgroepregister zullen ze geen banen openstellen. En als werkgevers mensen die niet in het register staan, niet interessant vinden omdat ze niet meetellen voor het quotum en ze geen aanspraak kunnen maken op de no-riskpolis en andere stimuleringsfaciliteiten, dreigt hetzelfde. Paas: “Voor je het weet verdwijnt dan het draagvlak om mensen met een beperking aan te nemen. Werkgevers kunnen denken: Dan betalen we de boete wel.”

Doelgroepregister

Het doelgroepregister is in het leven geroepen om te kunnen monitoren of werkgevers en overheid de toegezegde banen voor de doelgroep - mensen met een arbeidsbeperking die het WML niet kunnen verdienen - ook daadwerkelijk realiseren. Tot 2026 gaat het om resp. 100.000 en 25.000 banen.

Zie ook

Werkkamer: reken scholieren met een beperking direct tot doelgroep